Nadat ik uitgestapt
ben bij de bushalte om van chauffeur te wisselen neem ik even de tijd een rondje
te lopen voordat de bus weer vertrekt. We zijn in een grote stad welke ik niet
met name wil noemen. Nadat ik terugkom om op dezelfde bus te stappen die mij
naar huis zal vervoeren, mijn dagtaak zit erop, zie ik dat er een aantal mensen,
vooral jongeren bij de voorste deuren staan. Er steekt een stalen pijp door het
raam, de kaartjesautomaat is vernield en de raambescherming van de chauffeur
ligt aan diggelen. Ik sta perplex van zoveel geweld. Mijn collega vat het niet
al te ernstig op. “dat maak ik regelmatig mee” zegt hij en kruipt achter
zijn stuur om te gaan vertrekken. Er zijn een aantal jonge kinderen tussen de 6
en 12, 14 jaar die onder begeleiding mee moeten in de bus. De begeleider is een
lange smalle man, met een donker huidstype maar niet helemaal, tussen de 20 en
30 jaar. Ik heb de indruk dat 1 van zijn ouders een witte huidskleur moet
hebben. Niet dat het belangrijk is, maar ik
constateer gewoon. De jongeren zijn zeer druk en lopen te roepen en te
schreeuwen. Mijn collega trekt het zich allemaal niet aan en de groep met
kinderen loopt naar achter. Ik loop hen achterna, om toch te proberen of ik de
hand erin kan houden mocht er iets misgaan. En dat gaat het helemaal…..

Er zit een klein
negerjongetje op de wielbak, waar de andere kaartjesautomaat staat. Hij heeft
een tak in zijn hand die hij van buiten heeft meegenomen en slaat overal
tegenaan. Ook tegen mij. Ik zeg hem daarmee op te houden en ook de begeleider
zegt hem te stoppen daarmee. Het jongetje is een jaar of zes en luistert in het
geheel niet. Ik zeg hem dan maar de stok aan mij te geven maar hij houdt hem
stevig vast. De begeleider haalt zijn schouders op en kijkt vervolgens weer met
een wezenloze blik naar buiten door het raam. Ik zeg tegen de kleine dat hij
de tak aan mij moet geven maar hij houdt hem stevig vast en kijkt met een
woeste blik naar mij. Ik kijk recht in zijn gezicht en zie dat zijn gezicht veel
ouder is dan bij zijn leeftijd past.

Het is doorlopen van diepe groeven, zoals
je wel eens foto’s ziet van een oude indiaan die zijn leven in de open natuur
heeft doorgebracht, keer op keer verbrand door de zon en zijn huid opgedroogd
als perkament. Maar dit is maar een jong kind! Het verbaast mij: zo jong en toch
al zo oud. Ik heb echter geen tijd om hier over na te denken want het kereltje
is zeer agressief en het kost mij moeite om de tak van hem af te pakken.
Uiteindelijk neem ik die gewoon en hij krijgt hem niet meer terug.

Vervolgens staat
een ander jongetje op die blijkbaar de broer is van de kleine. Hij ziet er
hetzelfde uit, maar een stukje groter. Ook hij heeft een uitgesleten gezicht,
maar zal een jaar of tien zijn. Met rode bloeddoorlopen ogen kijkt hij me aan.
Vol woede en haat. Hij zegt mij de tak aan zijn broertje terug te geven. Ik
weiger dat natuurlijk en de jongen pakt mij beet, er ontstaat een worsteling. Ik
kan hem met moeite van me afhouden, zo klein maar zo heftig!

Dan zegt hij dat
als ik de stok niet teruggeef hij mij zal steken met zijn mes. Ik voel een punt
half door mijn overhemd een beetje in mijn buik prikken. Niet meer dan een
zakmesje waar hij indruk mee wil maken. Ik schrik natuurlijk maar geef niet toe.
Ik weet dat ik sterker ben en de overhand zal krijgen, maar op dat moment drukt
hij met volle kracht het mes diep in mijn buik….. ik weet nog dat ik hem op
hetzelfde moment hard van me wegduw en dan wordt alles zwart…..

Ik word wakker in
mijn bed en overdenk de hele situatie. De kleine kinderen die ondanks hun
leeftijd zoveel agressie en geweld in zich dragen, wat hun eigenlijk niet
kwalijk te nemen is. Het is niet hun schuld dat er misbruik van ze gemaakt
wordt, dat ze mishandeld worden, dat ze als het ware opgroeien voor galg en rad.
De begeleider is zelfs machteloos en je mag toch verwachten dat die een
opleiding heeft gehad om vooral ontspoorde kinderen goed te kunnen helpen en te
laten integreren in onze maatschappij. Ook hij was een kind van de rekening en
is opgegroeid in angst en pijn voor wat de wereld nog meer zal brengen. Om te
voorkomen dat hij het onderspit zou delven heeft hij er voor gekozen het op te
nemen voor zijn kleine lotgenoten. Maar ook hij is niet in staat die kinderen te
bereiken. Ze hebben reeds zoveel leed meegemaakt, dat hun geest is verwrongen.
Zo klein al. En dat zie je aan hun ogen en gezicht. Zo klein al zijn ze niet
meer in staat zich aan te passen aan het ‘normale ‘ leven in de
maatschappij. Gaat niet meer. Hopeloos verpest.

Het leert me inzien
en ik hoop ook anderen die, als ze om hun heen kijken, het zich opvallen waar
een kind is in nood. Een kind dat wat voor ras, geloof, cultuur of afkomst,
emotionele hulp nodig heeft. Liefde. Geef hen het gevoel en de zekerheid dat ze
er mogen zijn. Dat ze zich mogen ontplooien. Fantaseren in vrijheid over wat ze
willen worden. Beschermd worden. Opgroeien in vrede en veiligheid.

Wie is uiteindelijk
de misdadiger of de moordenaar? Het kind? Kijk eens naar zijn of haar gezicht.
Kijk in de ogen. Het is het kind van de rekening. Geweld is van volwassenen, het
kind kopieert alleen maar doordat het zich moet verdedigen. Kinderen hoeven zich
niet te verdedigen, integendeel, elk kind moet beschermd worden en opgroeien in
veiligheid. Opvoeden als kind, niet als volwassene. Om dat te realiseren zal de
volwassene van tegenwoordig eigenlijk opgevoed moeten
worden om zijn of haar kinderen te kunnen opvoeden. In liefde en
veiligheid, leren vertrouwen op het goede. Ook wij volwassenen zijn immers kind
geweest. Wat was het dat je mist?